InfotopmenuProjecten
Beschermingsplan boomkikker

Samenvatting

Van de vele tientallen leefgebieden in Noord-Brabant waar de boomkikker in de periode 1900-1959 voorkwam resteerde er omstreeks 1985 nog slechts 4, namelijk de Molenschotsche Heide op de Vliegbasis Gilze-Rijen, het Merkskedal ten westen van Baarle-Nassau en De Leemkuilen en De Brand, respectievelijk ten oosten en noorden van Udenhout. Het aantal boomkikkers binnen deze gebieden was echter dramatisch laag en de boomkikkerpopulaties stonden eind jaren ’80 op het punt van uitsterven.


Verspreiding boomkikker per uurhok (1900 tot en met 2006).

Door het nemen van doelgerichte maatregelen op de Molenschotsche Heide, in De Leemkuilen en De Brand hebben de populaties zich geleidelijk aan weer kunnen herstellen. Sinds 2000 is het aantal boomkikkers in deze gebieden toegenomen van ruim 100 volwassen exemplaren op de Molenschotsche Heide tot ruim 600 volwassen exemplaren in De Brand. Ondanks deze positieve ontwikkelingen is de boomkikker nog altijd een zeer zeldzame en kwetsbare soort in Noord-Brabant. Om deze reden heeft de provincie Noord-Brabant in haar Meerjarenprogramma uitvoering soortenbeleid Noord-Brabant 2005-2009 opgenomen dat er een provinciaal beschermingsplan voor de boomkikker dient te worden ontwikkeld.  


Volwassen exemplaar op een brandnetelblad in De Leemkuilen

In juni 2006 is aan het Ecologisch Adviesbureau Cools de opdracht verleend om een beschermingsplan op te stellen waarin is vastgelegd hoe de boomkikker op een duurzame wijze voor Noord-Brabant kan worden behouden. Het streefbeeld om dit doel te kunnen bereiken bestaat uit drie strategieën, namelijk handhaven, versterken en ontwikkelen c.q. herstellen van boomkikkerleefgebieden binnen vier perioden.

Op zeer korte termijn (= binnen 3 jaar) wordt naast handhaving gestreefd naar versterking van de bestaande leefgebieden (Molenschotsche Heide, De Leemkuilen-Steenfabriek Udenhout, De Brand en Moerkuilen-Dommelbeemden). Onder versterking wordt verstaan een uitbreiding van de oppervlakte geschikt leefgebied zowel binnen als direct grenzend aan de bestaande leefgebieden. Om de boomkikkerpopulaties in de leefgebieden De Brand en De Leemkuilen-Steenfabriek Udenhout te kunnen behouden is het van essentieel belang dat deze gebieden op zeer korte termijn met elkaar worden verbonden.


Op korte termijn (= binnen 5 jaar) tot middellange termijn (= binnen 10 jaar) wordt gestreefd naar de ontwikkeling van nieuwe leefgebieden dan wel een herstel van oorspronkelijke leefgebieden die meestal in de periode 1970-1990 nog aanwezig waren. Binnen 10 jaar is het de doelstelling dat er twee ecologische structuren ontstaan, te weten:

  • Molenschotsche Heide – Merkskedal binnen het stroomgebied van de Mark;
  • Noorderbos - De Brand - Mortelen binnen het stroomgebied van de Zandleij, Broekleij, Smalwater en Koevertsche Loop.
Daarnaast is uitgegaan van de ontwikkeling van een boomkikkerleefgebied in het natuurgebied Valkenhorst, dat op basis van het onderzoek van Natuurbalans/Limes Divergens potentieel geschikt is als leefgebied en recentelijk ook als zodanig is ingericht.

Op lange termijn (= meer dan 10 jaar) wordt gestreefd naar een herstel van een groot deel van de leefgebieden van de boomkikker zoals die aanwezig waren in de periode 1900-1960, om zodoende maximaal een duurzame instandhouding van de boomkikkerpopulaties in Noord-Brabant te kunnen garanderen. Op basis van de historische verspreiding en de mogelijkheden die worden geboden door de realisering van de GHS/EHS wordt gestreefd naar de ontwikkeling van vele boomkikkerleefgebieden in een viertal clusters van stroomgebieden, namelijk:

A) de stroomgebieden van de Bijloop, Aa of Weerijs en Mark;
B) de stroomgebieden van de Zandleij en Broekleij;
C) de stroomgebieden van de Poppelsche Leij, Nieuwe Leij, Spruitenstroompje en Reusel;
D) de stroomgebieden van de Dommel, Tongelreep, Run en Kleine Dommel.

 


Voortplantingsbiotoop in de Leemkuilen met veel ranonkels en mannagras

De reeds bestaande en de op korte tot middellange termijn te ontwikkelen leefgebieden zullen fungeren als brongebied waar vanuit de boomkikkers zich kunnen verbreiden binnen de stroomgebieden.

In het plan zijn de gebieden waarin wordt gestreefd naar handhaving, versterking dan wel ontwikkeling van boomkikkerleefgebieden op zeer korte tot middellange termijn nader uitgewerkt. 
Om de beschreven doelstellingen op zeer korte tot middellange termijn te kunnen realiseren is de uitvoering van diverse maatregelen noodzakelijk. Zo is naast de omvorming en aanleg van ruim 290 voortplantingswateren, de optimalisering en/of ontwikkeling nodig van ruim 2300 hectare landbiotoop en de aanleg van 12 faunatunnels onder drukke verkeerswegen.
Naast de bestaande aankoopplannen in bepaalde gebieden is het noodzakelijk om de aankoop van landbouw- en andere gronden in de boomkikkerleefgebieden meer prioriteit te geven ten opzichte van andere natuurgebieden in de provincie. De gronden die binnen het beschermingsplan nog niet behoren tot de EHS/GHS dienen op korte termijn door de provincie worden begrensd als nieuwe natuur of als ecologische verbindingszone. Daarnaast is voor diverse gebieden een gedeeltelijke aanpassing van de Natuurdoeltypenkaart noodzakelijk. 
Een andere belangrijke maatregel is de herintroductie van boomkikkers. Een natuurlijke verbreiding van boomkikkers wordt binnen de ecologische structuur Noorderbos - De Brand - Mortelen op korte tot middellange termijn mogelijk geacht vanuit de bestaande leefgebieden in De Brand en De Leemkuilen-Steenfabriek Udenhout naar nieuwe leefgebieden zoals Noorderbos, Hoornmankentiend, Hengstven, Brokkenbroek-Landgoed Zwijnsbergen en het Helvoirtsche Broek. Om ervoor te kunnen zorgen dat de ecologische structuur binnen middellange termijn geheel bevolkt is met boomkikkers is het essentieel om ook een natuurlijke verbreiding vanuit de Mortelen te ontwikkelen. Om dit te kunnen bewerkstelligen is het uitzetten van boomkikkers in de Mortelen op korte termijn noodzakelijk.
Binnen de ecologische structuur Molenschotsche Heide – Merkskedal wordt een natuurlijke verbreiding vanuit het bestaande leefgebied op de Molenschotsche Heide naar nieuwe leefgebieden op korte termijn niet kansrijk geacht, doordat er vele barrières zijn die niet binnen de gestelde periode oplosbaar zijn. Om de gewenste boomkikkerpopulaties binnen de ecologische structuur op korte tot middellange termijn zo doeltreffend mogelijk te kunnen realiseren is herintroductie van boomkikkers noodzakelijk in de dalen van de Chaamsche Beken en het Merkskedal.

Recentelijk is een boomkikkerleefgebied hersteld in het natuurgebied Valkenhorst in het beekdal van de Tongelreep. Herkolonisatie vanuit bestaande leefgebieden uit Nederland dan wel België wordt gezien de geïsoleerde van het gebied Valkenhorst op korte tot middellange termijn eveneens niet mogelijk geacht, zodat ook hier het uitzetten van boomkikkers noodzakelijk is.


Een jaarlijkse monitoring van de boomkikkerleefgebieden is noodzakelijk om te kunnen bepalen of het streefbeeld binnen de diverse perioden zal worden gerealiseerd.


Evaluatie van de vordering van het actieplan dient bij voorkeur jaarlijks plaats te vinden door een werkgroep die onder leiding van een provinciale coördinator bestaat uit vertegenwoordigers van de provincie Noord-Brabant, de terreinbeherende instanties en boomkikkerspecialisten. Naast de resultaten van de monitoring dient de werkgroep de voortgang van de versterking en ontwikkeling van boomkikkerleefgebieden te evalueren en indien nodig over te gaan tot het ondernemen van specifieke acties.

Infobottom menuProjecten